EEN NIEUW GELUID

2009-2

 

In dit nummer:

 

 

Pasen is Leven in Vrijheid

 

De Opstanding van Jezus 3 (slot)

 

Pyramide van Belofte

 

Het Geloof van Abraham tot voorbeeld van zijn zaad

 

 

 

 

PASEN is LEVEN en VRIJHEID

 

“Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, wie mijn woord hoort en Hem gelooft, die Mij gezonden heeft, heeft eeuwig leven en komt niet in het oordeel, want hij is overgegaan uit de dood in het leven. Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, de ure komt en is nu, dat de doden naar de stem van de Zoon van God zullen horen, en die haar horen, zullen leven.” (Joh 5:24-25)

 

Pasen is het feest waarop de Israëlieten herdachten dat de doodsengel hun huizen waar het bloed aan de deurposten was gesmeerd voorbij ging. Overal elders stierven de eerstgeborenen en heerste de dood, maar bij Israël was blijdschap vanwege het behoud van het leven en de uittocht uit de slavernij.

LEVEN en VRIJHEID zijn van het allergrootste belang. Onze tekst spreekt dan ook nog van eeuwig leven en dat houdt in leven in gezondheid en zonder gebrek. We kunnen ons dat nauwelijks voorstellen en het is goed er ernstig en diep over na te denken.

Johannes geeft weer wat de Here Jezus gezegd heeft: horen naar wat Hij zegt en geloven in zijn Zender. Horen doen we met ons gehoor en is een onderdeel van gehoorzamen. Oren – horen – gehoor – gehoorzamen. Het geloof is door het gehoor en het leidt tot doen: gehoorzamen.

Gehoorzamen kan slavernij betekenen: “Befehl ist Befehl”, commando’s uitvoeren, bevelen opvolgen. Dat is echter niet het bijbelse gehoorzamen. Kijk maar naar Israël. Ze hadden geleefd onder de slavernij van de Egyptenaren, ze moesten stenen bakken en daar hard aan werken, niet omdat ze dit zelf graag wilden, maar omdat ze moesten, er was geen ontkomen aan.

De woestijngeschiedenis van Israël laat zien, dat het niet gemakkelijk was in vrijheid te leren gehoorzamen. Mozes vertelde hun Gods leefregels en daarmee konden ze in die ongemakkelijke omstandigheden leven. Ze beloofden zelfs de goddelijke voorschriften te zullen volgen, maar ze waren niet tevreden over de omstandigheden. Terugdenkend aan de periode van slavernij ontdekten ze dat het eten daar anders (dus beter!) was. Ze begonnen te klagen en te protesteren. Het probleem was dat leven in vrijheid ook leven in verantwoordelijkheid is. Hoe ga je om met de omstandigheden. Je leven aanpassen aan de omstandigheden, ook als die minder lijken te worden is niet altijd eenvoudig. De goddelijke voorschriften zijn niet moeilijk en God heeft beloofd zijn wetten (zijn levensregels) in onze harten te schrijven

We geven Hem daartoe de gelegenheid door op te houden met ons tegen Hem te verzetten, want Hij laat ons zo vrij, dat Hij dikwijls op het einde van ons verzet wacht.

De bijbelse geschiedenis van Israël beleven wij als de geschiedenis van onze voorouders. Velen willen van onze afstamming van Israël niets weten. Ze willen dan nog wel horen dat Abraham wel de vader der gelovigen genoemd wordt en dat de gelovigen nu het volk van God zijn. Wel, dan is het toch goed de geschiedenislessen van het volk van God te bestuderen en van die lessen te leren. Zelfs als men het Oude Testament minder belangrijk acht en dus vijf achtste van de Bijbel verwaarloost, is het in het Nieuwe Testament ook duidelijk dat de goddelijke voorschriften

niet veranderd zijn.

Wie gewoon leest wat in de evangeliën, de brieven en de Openbaring van het Nieuwe Testament staat zal zich automatisch afvragen, waar dit alles op slaat. De schrijvers van het Nieuwe Testament citeren veel uit het Oude Testament of verwijzen er naar. De begrippen die in het NT gebruikt worden kunnen we verklaren uit het OT. God verandert niet en de woorden en begrippen die Hij gebruikt houden ook in het NT hun betekenis.

Horen en geloven geeft volgens onze tekst LEVEN. Zonder het horen en geloven hebben we geen echt leven. In Genesis 2:7 lezen we dat God de levensadem in de neus van de mens blies en zo werd de mens een levend wezen. In Johannes 20:21 staat dat Jezus op zijn discipelen blies en zei: “Ontvangt de heilige Geest”. Het oorspronkelijke leven dat de mens was kwijtgeraakt door de zonde, komt op deze manier weer terug.

De mens die door de zonde het goddelijke leven is kwijtgeraakt is dood. Fysiek is er misschien wel leven, maar in werkelijkheid is het leven leeg, hol en donker. Door horen, geloven en doen komt het leven weer terug. Petrus zei het zo kernachtig met Pinksteren: “Bekeert u en een ieder van u late zich dopen op de naam van Jezus Christus tot vergeving van uw zonden, en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen. Want voor u is de belofte en voor uw kinderen en voor allen die verre zijn, zovelen als de Here, onze God, ertoe roepen zal”. (Handelingen 2:38-39).

Dat is het nieuwe leven van gehoorzaamheid en vrijheid, waarin wij Gods wil doen en tot een zegen zijn voor velen!

G. van der Laan

 

 

 

 

De Synchronische Rangschikking van het Grote Verhaal 

De Opstanding van Jezus

en daarmee

verband houdende gebeurtenissen (slot)

door

J.J.Jackson, Zimbabwe

 

Jozef van Arimathea

De Bijbel vertelt ons dat Jozef van Arimathea, een rijke man, discipel van Jezus was en dat hij wachtte op het Koninkrijk van God. Een goede en rechtvaardige raadgever in het Sanhedrin, die niet toestemde in de veroordeling van Jezus. Mattheüs 27:57, Marcus 15:43, Lucas 23:51, Johannes 19:38.

Paulus, in zijn brief aan de Romeinen, beschrijft hem als een eerbiedwaardige en rijke scheepsmagnaat die de zeeën bevoer en handel dreef in mineralen. De apocriefen zeggen dat hij de oom was van Maria en dus oudoom van Jezus. Hij had de verantwoording voor zijn familie op zich genomen en was een fel verdediger van Jezus= zaak tijdens het proces. Uit de Bijbel weten wij dat hij vrijpostig het lichaam van Jezus van Pilatus opeiste, het in linnen wikkelde en in zijn eigen rotsgraf legde.

 

Nicodemus vertelt ons in zijn evangelie, dat de Joodse leiders woedend waren op Jozef en plannen smeedden hem te doden. Omdat het Sabbat was konden zij dat niet meteen doen, dus arresteerden zij hem, gooiden hem in de gevangenis, verzegelden het slot en plaatsten twee bewakers voor de deur. Na Jezus= opstanding, toen ze Jozef wilden ophalen, vonden ze de gevangenis leeg, maar het zegel nog intact. Eerst na de hemelvaart van Jezus ontdekten zij dat Jozef in zijn woonplaats Arimathea was. Na zo=n tijd waren de humeuren een beetje bekoeld en de priesters verlangden achter de waarheid te komen. Jozef vertelde hun toen dat midden in de nacht Jezus, die hij niet meteen herkende, hem wakker maakte, zijn gezicht verfriste en hem kuste. Jezus leidde hem daarop uit de gevangenis en nam hem mee naar het graf, waar Hij hem de opgevouwen doeken liet zien. Hoe hoffelijk en vriendelijk handelde Jezus met de oude man, die uit medelijden en respect het mishandelde lichaam in zijn eigen graf had gelegd! Op dat moment had Jozef zekerheid dat het Jezus zelf was. Jezus bracht hem naar zijn huis in Arimathea en zei hem de volgende veertig dagen binnen te blijven en dat Hijzelf terug moest naar de andere discipelen. Dit prachtige verhaal is in harmonie met de bijbelvertellingen. Het bevestigt ook dat Maria Magdalena, die als eerste Jezus ontmoette, Hem zag vóór zijn middernachtelijke verschijning aan Jozef en niet de volgende morgen. De vroege kerkgeschiedenis vertelt ons over de belangrijke rol die Jozef van Arimathea nadien speelde in het planten van het christelijk geloof, ver van de kusten van het Heilige Land.

 

Nu we de overeenstemming in tijd in de evangelieverhalen hebben gezien, laten we ons dan nu wenden tot enkele zaken elders in de Bijbel die erop van toepassing zijn.

 

Mijn zoon zijt gij; Ik heb u heden verwekt

Deze woorden zijn te vinden in Psalm 2:7, Handeling 13:33, Hebreeën 1:5 en 5:5. Behalve in deze verwijzingen wordt Jezus zeven keer genoemd >de enige verwekte Zoon=.

De eerste vermelding van die woorden wordt voorafgegaan door het plechtige: AIk wil gewagen van het besluit des HEREN: Hij sprak tot mij: Mijn zoon zijt gij; Ik heb u heden verwekt@. Wanneer was dit >heden=?

 

In Handelingen 13:32,33 zegt Paulus: A...dat God de belofte, die aan de vaderen geschied is, aan ons, hun kinderen, vervuld heeft door Jezus op te wekken, gelijk in de tweede psalm geschreven staat: Mijn zoon zijt Gij, Ik heb u heden verwekt@. Klaarblijkelijk was dit >heden= de dag van Jezus= opstanding. Dat is de dag dat Hij uit God geboren werd. Maar wanneer en waar nam God dit besluit? Wanneer gebeurde het dat AGod sprak tot Mij@? We komen op dit punt nog terug.

 

Natuurlijk weten wij dat de Zoon van God bestond in eeuwigheid, want alle dingen waren door Hem gemaakt.Johannes 1:1-3

Maar op de dag dat Hij het menselijk vlees aannam en in Bethlehem werd geboren, werd Hij de Mensenzoon. Door zijn eigen woorden is het duidelijk dat Hij die titel voor altijd zou dragen. Echter op de dag van zijn opstanding kreeg Hij onsterfelijkheid en werd de onsterfelijke, eeuwige, Mensenzoon  cum Zoon van God. Daarom behoort het besluit, genoemd in Psalm 2, tot die dag.

 

Gij zijt priester voor eeuwig, naar de wijze van Melchizedek

 

Deze woorden zijn te vinden in Psalm 110:4, Hebreeën 5:6,10; 6:20; 7:1,10,11,15,17,21.

Psalm 110 begint met de woorden: AAldus luidt het woord des HEREN tot mijn Here@, en dan staat er in vers 4: ADe HERE heeft gezworen en het berouwt Hem niet: Gij zijt priester voor eeuwig, naar de wijze van Melchizedek@. In dit geval wordt >heden= niet vermeld. AGij zijt@ wordt herhaaldelijk gebruikt, dus moeten wij het priesterschap van Jezus nader bestuderen.

 

Johannes de Doper was de voorbode van Jezus. Hij introduceerde deze compleet nieuwe dispensatie, met de doop van de berouwhebbende. Hij stuurde ze niet terug naar de tempel om de toepasselijke Mozaïsche offeranden te doen. Nee, deze doop omarmde alles in één enkele nieuwe handeling. Het bekende woord >offer= in de Wet, verwees naar het ene volmaakte offer, het lam van god. En nu was Hij gekomen. Wat  zoveel eeuwen van tevoren was aangekondigd, was hier. Dít lam moest de offerdood sterven, begraven worden en weer opstaan. Dat is precies wat de doop betekent en degenen die zich laten dopen identificeren zich met deze eens en vooral volmaakte handeling. Zoals Paulus schreef naar de christenen in Rome: AOf weet gij niet, dat wij allen, die in Christus Jezus gedoopt zijn, in zijn dood gedoopt zijn? Wij zijn dan met Hem begraven door de doop in de dood, opdat, gelijk Christus uit de doden opgewekt is door de majesteit des Vaders, zo ook wij in nieuwheid des levens zouden wandelen@. Romeinen 6:3-4.

Colossenzen 2:12 geeft te lezen: A...daar gij met Hem begraven zijt in de doop, in Hem zijt gij ook mede opgewekt door het geloof aan de werking Gods, die Hem uit de doden heeft opgewekt@.

Dus als Johannes doopte, voerde hij de nieuwe regeling uit van het ambt van de hogepriester van Israël. Hij had volledig recht op die post omdat hij de zoon was van Zacharias, een Aäronitische priester, >die behoorde tot de afdeling van Abia=, zijn moeder was >uit de dochters van Aäron=.Lucas 1:4.

In contrast daarmee waren Annas en Caiafas van twijfelachtige familie­betrekkingen en waren tot het ambt geroepen met twijfelachtige middelen. Johannes de Doper echter was door God geroepen en zijn geboorte was aangekondigd door de aartsengel Gabriël, net als de geboorte van Jezus. En eveneens was zijn bediening voorzegd door de profeten. Aan Johannes viel de grote eer te beurt de Messias aan te kondigen: “Zie, het lam Gods, dat de zonde der wereld wegneemt@. Johannes 1:29.

Johannes doopte Jezus en Jezus werd gezalfd toen de Heilige Geest op Hem neerdaalde en de stem uit de hemel bekendmaakte: AGij zijt mijn Zoon, de geliefde, in U heb Ik mijn welbehagen@. Lucas 3:22.

Vanaf dat ogenblik werd Johannes= bediening overgenomen door Jezus en er staat geschreven Adat Jezus meer discipelen maakte en doopte dan Johannes@. Johannes 4:1.

Als Johannes een priester was, betekent dat dan niet dat Jezus ook een priester was? Natuurlijk was Hij dat. Hij voerde een priesterlijke taak uit, waarmee Hij begon op dertigjarige leeftijd, net als alle priesters, maar bovendien Hij was gezalfd. Er is echter een belangrijk punt van verschil, Jezus was uit de stam van Juda, biologisch en rechtsgeldig. Hier komt de orde van Melchizedek in zicht. Melchizedek was Koning en Priester tegelijk. Hij was >de Koning van Salem= en >Priester van god, de allerhoogste=  (Genesis 14:18). De profeet Zacharias voorzegde dit detail betreffende Ade man, wiens naam is Spruit” (Christus). Hij zei dat: AHij als heerser zal zitten op zijn troon, en Hij zal priester zijn op zijn troon@ (Zacharia 6:12,13). Dat is het verschil. De Aäronitische priesters waren alleen priester. Het deel van hun roeping als uitvoerder van al die offerwetten was nu vervuld en Johannes kondigde een nieuw tijdperk aan. Het is de doop om ons te vereenzelvigen met Christus= dood en opstanding, en de gemeenschap van brood en wijn om ons te herinneren aan zijn lichaam dat voor ons gegeven is en zijn bloed dat gestort is voor de kwijtschelding van onze zonden. Dat doet ons weer denken aan Melchizedek die aan Abraham brood en wijn bracht.

Maar, vragen we ons af, hoe staat het dan met Gods eeuwige beloften aan Aäron en zijn nakomelingen? Zijn die niet meer geldig na dit keerpunt in de gebeurtenissen? Het is alleen het ambt van de hogepriester dat veranderde in de Priester-Koning status. Onder Hem is Israël nog altijd voorbeschikt een >koninkrijk te zijn van priesters en een heilige natie= (Exodus 19:6) en de nakomelingen van Aäron zullen er zeker een belangrijk deel van uitmaken. In de apocriefe literatuur, namelijk het Testament van de Patriarchen, wordt benadrukt dat de Messias zou komen uit de stammen van Juda en Levi en dat in Hem het ambt van Priester en Koning tezamen zal worden gebracht. Is dat in tegenspraak met het evangelie? De Bijbel geeft ons een interessant detail. Elisabeth, de moeder van Johannes de Doper en >dochter van Aäron= was een nicht van Maria, de moeder van Jezus (Lucas 1:36). Dat betekent dat zij dezelfde grootouders hadden en dat betekent ook dat Maria deels Aäronitisch en deels Davidisch bloed had. Jezus= biologische erfenis was uitsluitend van Maria, dus voor de helft van Aäron en voor de helft van David, zelfs al was Jezus wettelijk een Zoon van David. Op deze manier heeft God zijn belofte aan Aäron gehouden.

 

Toen Jezus zichzelf ten offer gaf, deed Hij dit als de Hogepriester van Israël.

Een interessant feit is neergelegd in Mattheüs 26:65, namelijk dat de hogepriester, toen hij Jezus beschuldigde van godslastering >zijn klederen scheurde= (volgens Bullinger zijn >ambtsgewaad=). Dat was verboden (Leviticus 10:6) volgens een messiaans-Joodse predikant. Hij zei dat de doodstraf erop stond, want het betekende diskwalificatie van het priesterschap. Het halsboord, zei hij, was speciaal versterkt om beschadiging te voorkomen.  Exodus 28:32, 39:23.

 

Dit gebaar van de hogepriester bij het proces van Jezus betekende, dat hij vanaf dat moment niet meer bevoegd was zijn dienst uit te voeren tijdens de offerandes van het Pascha de volgende dag. Jezus, het echte Paaslam, offerde echter zichzelf en zo eindigde de functie van het priesterschap van Caiafas. Op het moment dat Jezus stierf en de aarde beefde, scheurde het voorhangsel in de tempel doormidden, van boven tot beneden. Een heel belangrijke en veelzeggende gebeurtenis. Het was tot tweemaal toe voorzegd in >Het Testament van de Patriarchen=. De oude orde werd opgeheven en Jezus opende de weg naar de tegenwoordigheid van God. De tegenwoordigheid van God is het werkelijke Heilige der Heiligen. Dit deed Jezus in de functie van Hogepriester.

 

Nu rest nog de vraag, waar en wanneer zweerde God deze plechtige eed betreffende het eeuwige priesterschap van Jezus. Het >voor eeuwig= aspect, lijkt het, begon op de dag van zijn opstanding. Wij komen hier nog op terug.

 

Zet u aan mijn rechterhand

In Psalm 110 lezen we: AZet u aan mijn rechterhand, totdat Ik uw vijanden gelegd heb als een voetbank voor uw voeten@.

Dit Schriftgedeelte is aangehaald in Lucas 20:42, Handelingen 2:34,35 en Hebreeën 1:13. Tijdens zijn proces antwoordde Jezus zelf de hogepriester: A...en gij zult de Zoon des mensen zien, gezeten aan de rechterhand der Macht, en komende met de wolken des hemels@. Marcus 14:62.

Dit voorval is ook te vinden in Lucas 22:69. Toen hij werd gestenigd, zag Stefanus daadwerkelijk >de glorie van God en Jezus staande aan Gods rechter­hand=. AEn hij zeide: AZie, ik zie de hemelen geopend en de Zoon des mensen, staande ter rechterhand Gods@.  Handelingen 7:55,56.

Betreffende Jezus= hemelvaart zegt Marcus: ADe Here Jezus dan werd, nadat Hij tot hen gesproken had, opgenomen in de hemel en heeft zich gezet aan de rechterhand Gods@. Dit wordt bevestigd in de brief aan de Hebreeën 1:3, 8:1, 10:12, 12:2 en in I Petrus 3:22.

Net als mij, zal het u misschien zijn opgevallen dat, terwijl Stefanus werd gestenigd, hij Jezus zag staan, terwijl alle andere verwijzingen melding maken van Jezus die zit... Ik ben geroerd door het feit dat Jezus stond. @Kostbaar is in de ogen des Heren de dood van zijn gunstgenoten@. Psalm 116:15.

In zijn brief aan de gemeente in Rome schreef Paulus (Romeinen 8:34) over Christus, aan de rechthand van God, die voorspraak voor ons doet. In Efeziërs 1:20 spreekt hij over Christus, aan de rechterhand van God, aan Wie alle heerschappij is gegeven. In Colossenzen 3:1 schrijft Paulus ook over Christus aan de rechterhand van God. In Hebreeën 8:1 zien wij Jezus Agezeten ter rechterzijde van de troon der majesteit in de hemelen, de dienst verrichtende in het heiligdom, in de ware tabernakel, die de HERE opgericht heeft, en niet een mens@.

 

Een punt dat opvalt in de verschillende verwijzingen is het woord >totdat=. Terwijl er eeuwigheids-aspecten ­aan zijn autoriteit in de hemel zijn, de grote profetie van Lucas: ADeze zal groot zijn en Zoon des Allerhoogsten genoemd worden, en de Here God zal Hem de troon van zijn vader David geven, en Hij zal als koning over het huis van Jakob heersen tot in eeuwigheid, en zijn koningschap zal geen einde nemen@, ligt nog in de toekomst. Luas 1:32,33

Het is de grote gebeurtenis die nog wacht op het >totdat=.

Wat het >zitten aan de rechterhand van God= betreft komen we tot de vraag >wanneer=? De Schrift zegt duidelijk dat het gebeurde toen Hij ten hemel voer. Wij weten dat Jezus ten hemel voer veertig dagen na zijn opstanding, maar er zijn ook sterke aanwijzingen dat Hij ook opvoer op de eerste dag die volgde op zijn opstanding. Er waren belangrijke zaken af te wikkelen toen aan de rechterhand van God. Hier komen we nog op terug.

 

Het is belangrijk het feit te noemen dat de Bijbel dikwijls verwijst naar de rechterhand van God, speciaal in de Psalmen. Met zijn rechterhand redt, bevrijdt, leidt, handhaaft Hij, vernietigt de vijand en spant de hemelen uit, en nog heel wat andere handelingen en attributen worden toegeschreven aan de rechterhand van God. Valt het u niet op dat dit spreekt van de tijd vóór de vleeswording van de Zoon van God? Hij kwam van de rechterhand van God om in de menselijke familie geboren te worden. Na zijn overwinning op de dood keerde Hij terug naar de rechterhand van God, maar nu als de Mensenzoon.

 

Hij voerde krijgsgevangenen mee

KJV: He led captivity captive - Hij nam de gevangenis gevangen.

Friese Vert.: ...hat er de finzenis finzen nommen - ...heeft Hij de gevangenis gevangen genomen.

 

In Efeziërs 4:8-10 lezen wij: ADaarom heet het: opgevaren naar den hoge voerde Hij krijgsgevangenen mede, gaven gaf Hij aan de mensen. Wat betekent dit: Hij is opgevaren, anders dan dat Hij ook nedergedaald is naar de lagere aardse gewesten? Hij, die nedergedaald is, Hij is het ook, die is opgevaren ver boven alle hemelen, om alles tot volheid te brengen@. Vers 11 somt op wat Hij gaf.

Hier is een Schriftgedeelte dat diepzinnige betekenis heeft, maar op een of andere manier wordt dit in de Bijbel niet verder uitgewerkt. Die betekenis wordt nog vergroot door het feit dat het een aanhaling is uit een O.T.-profetie. Psalm 68:19 zegt: AGij zijt opgevaren naar den hoge; Gij hebt gevangenen meegevoerd; Gij hebt gaven in ontvangst genomen onder (KJV: for) de mensen@.

Wat wil het zeggen, >voerde krijgsgevangenen mee= of >nam de gevangenis gevangen=? Misschien was het wel Gods bedoeling dat wij een beetje onderzoek zouden doen: >zoekt en gij zult vinden=.

Psalm 7:8 zegt: ADan moge de vergadering der natiën U omringen, keer weder boven haar naar den hoge@. Misschien kunnen wij aanwijzingen vinden in buitenbijbelse geschriften. De Bijbel verwijst dikwijls naar zulke literatuur.

 

De apostel Paulus citeerde, volgens zijn critici, zo dikwijls uit het >Testament van de Patriarchen=, dat het erop leek dat hij een kopie bij zich droeg. In deze oude literatuur vinden we veel Messiaanse profetieën. Onder de laatste woorden van Benjamin de volgende: AEn Hij (de Messias) zal opvaren uit Hades en zal voorbijgaan vanaf de aarde de hemel in@ (9:11).

Dan zegt: AEn uit de gevangenis zal Hij van Belial (Satan) wegnemen de zielen der heiligen@ (2:11).

Het >Evangelie van Nicodemus= verwijst naar die zielen in Hades als gevangenen: AWie zijt Gij (Messias) dat Gij de gevangenen bevrijdt?@ (17:7).

Terugkerend naar onze Schrift in Psalm 68:19 merken wij op dat het voorgaande vers zegt: AGods wagens zijn tweemaal tienduizend, duizenden bij duizenden, de Here is van de Sinaï het heiligdom binnnengegaan­@.

(KJV: AThe chariots of God are twenty thousand, even thousands of angels: the lord is among them, as in Sinai, in the holy place@).

(Friese Vert: Gods weinen binne tsjientûzenen, tûzenkear tûzenen. De Heare is fen Sinaï kommen yn it hillichdom@. Gods wagens zijn tienduizenden, duizendmaal duizenden, De Here is van Sinaï gekomen in het heiligdom@).

De Companion Bible geeft de getallen als letterlijk: ATweemaal tienduizend duizenden (wagens)@ en Aduizenden op duizenden (engelen)@. Het woord vertaald met >engelen= is Str.Hebr.8136. Het is het enige geval in de Bijbel waar >engelen= is afgeleid van dat woord. Dat maakt het woord >engelen= twijfelachtig. Sommige vertalingen zeggen eenvoudig >zij=. De Griekse Septuagint geeft aan: >de verheugden=.

Het is duidelijk dat dit de zielen zijn  van de heiligen en Hij is te midden van hen, zoals Hij was bij de Sinaï. En lijken de >wagens= niet op de >wagen= die Elia vervoerde naar de hemel? Jezus begeleidde deze zielen en voer met hen naar de hemel, en wat een vreugde moet dat schouwspel hebben vergezeld!

 

Volgens de kanttekeningen in de Companion Bible leren de rabbi=s dat er drie verblijfplaatsen zijn waar de rechtvaardige doden naar toegaan. De eerste is >Abrahams schoot=, de tweede is >onder de troon der glorie= en de derde is >de tuin van Eden=. In de gelijkenis van de rijke man en Lazarus, komen we aan de weet dat >sheol=, de woonplaats van de doden, twee afdelingen heeft die gescheiden zijn door een kloof. De afdeling waar de rechtvaardige doden naar toe gaan wordt Abrahams schoot genoemd en de andere is bestemd voor de goddelozen.

De grote waarheid van de tekst >voerde gevangenen mee= vertelt ons dat Jezus afdaalde in Hades naar Abrahams schoot om de zielen van de rechtvaardige doden daaruit te leiden en hen met zich mee te nemen naar de hemel om daar met Hem te zijn en zijn glorie te aanschouwen, net zoals Hij dat aan de Vader had gevraagd voor Hij zich naar Getsemane begaf. Johannes 17:24.

Dit betekent dat Abrahams schoot nu leeg is. Dat de rechtvaardige doden, Abraham en alle anderen uit Oud en Nieuw Testamentische tijden nu in de hemel zijn, de tweede plaats -volgens de lering van de rabbi=s- >onder de troon der glorie=. Zij wachten daar op de dag dat zij zullen herleven, hun opstandings­dag, wanneer zij weer compleet zullen zijn, naar lichaam, ziel en geest, volledig uitgeruste burgers van het Koninkrijk van de Messias op deze vernieuwde aarde, de tuin van Eden, de derde en laatste verblijfplaats.

Deze historische gebeurtenis, het uitleiden van de gevangen zielen van Hades naar de hemel, moet inderdaad een geweldige gebeurtenis geweest zijn. Het was echter niet zichtbaar voor vleselijke ogen. Het verhaal wordt ontroerend weergegeven in het >Evangelie van Nicodemus=. Twee onafhankelijke getuigen, godvrezende mannen, die uit hun graf waren opgestaan op het moment van Jezus= opstanding, vertelden het. Waarom werden zij op dit moment opgewekt? En waarom vertelt de Bijbel ons van deze opwekkingen en dat die opgestane heiligen aan zoveel mensen in Jeruzalem verschenen? Mattheüs 27:51-53

Het verhaal van de twee mannen is als volgt: AIn de duisternis van Hades verscheen plotseling een gouden kleur als van de zon en een doordringend purperrood gekleurd licht dat de plaats verlichtte. Daarop zei Adam, de vader van de mensheid, die zich verheugde met alle patriarchen en profeten: Dat licht is de schepper van het eeuwigdurend licht, die beloofd heeft ook ons te veranderen in eeuwigdurend licht@. Nicodemus 13:4-5

Hierna volgen vijf hoofdstukken van zeer interessante discussies tussen de heiligen, van redetwisten tussen de prins van Hades en Satan, en van de angst die over de vijand kwam toen de >Gloriekoning= Jezus Christus zijn entree maakte. Psalm na psalm wordt aangehaald en profetie na profetie. Die woorden AOpen de poorten opdat de Koning der Glorie kan binnengaan@ en vele andere vinden hun perspectief in deze binnenkomst in Hades. Een complete studie zou kunnen worden gemaakt van alle relevante Schriftgedeel­ten, aangehaald in die bladzijden en dan zal men ontdekken dat het bezoek van Jezus aan de onderwereld, Bijbels gezien, een zeer prominente gebeurtenis was.  Zelfs Petrus schreef: AWant ook Christus is eenmaal om de zonden gestorven als rechtvaardige voor onrecht­vaardigen, opdat Hij u tot God zou brengen: Hij, die gedood is naar het vlees, maar levend gemaakt naar de geest, in welke Hij ook heengegaan is en gepredikt heeft aan de geesten in de gevangenis, die eertijds ongehoorzaam geweest waren, toen de lankmoedigheid Gods bleef afwachten, in de dagen van Noach...@.I Petrus 3:18-20

Nicodemus lezend, is het wel duidelijk dat er veel bekeringen plaatsvonden. Waarom zou Jezus anders gepreekt hebben?

Toen maakte Jezus zich hoffelijk aan zijn heiligen bekend. Hij >strekte zijn hand uit en zei: Komt tot Mij, al mijn heiligen, die werden geschapen naar mijn beeld..= (Nicodemus 19:1) en een heel hoofdstuk aanbidding en verering volgt. Daarna leidde de Heer, terwijl Hij Adam bij de hand nam, hen uit en droeg hen over aan Michaël, de aartsengel, om hen verder te begeleiden.

 

Op dit moment moet Jezus teruggekeerd zijn in zijn lichaam om opgewekt te worden. Hij moet de uitverkoren kandidaten, die eveneens zouden worden opgewekt met zich meegenomen hebben als getuigen van de grote gebeurtenissen in Hades en het vertrek van de heiligen naar de hemel. Jezus moest spoedig volgen om al die zielen aan de Vader te tonen, vandaar zijn indringende woorden aan Maria Magdalena, die de eerste was die Hem na zijn opstanding zag.

Pilatus vertelt  in zijn brief aan Caesar over verbazingwekkende gebeurtenissen die voorvielen in de nacht die volgde op Jezus= opstanding. Hij had rapporten ontvangen over visioenen in de lucht van engelen en mensen, allemaal schitterend van licht. Van een ontelbare menigte die uitriep dat Jezus, die gekruisigd was, weer is opgestaan. Sommige Joden zeiden dat zij Abraham, Isaac en Jakob zagen en de twaalf patriarchen en Mozes en Job. Zij moeten toen in de zorg van Michaël zijn geweest, terwijl Jezus zich bezighield met belangrijke zaken op de eerste dag. Er was iets heel bijzonders aan die dag, al aangekondigd in de Wet. In Leviticus 23:10,11,12,15 lezen wij dat het volgende Pascha >op de dag na de Sabbat= de hogepriester de eerste schoof van de oogst voor de heer moest bewegen. Het was een >beweegoffer= van de eerstelingen. Daarna moesten ze zeven weken bijtellen wat hen zou brengen op de vijftigste dag volgend op de opstandings Sabbat en die vijftigste dag was Pinksteren. Tijd en voorschriften waren belangrijk en nauwkeurig. Daarom leest men zulke woorden als in Handelingen 2:1 AEn toen de Pinksterdag aanbrak, waren allen te zamen bijeen...@. Deze dingen waren aangekondigd in de feesten van Israël en ook in het ontwerp van de tabernakel.

De eerste dag van de week, die volgde op Jezus= opstanding was precies de dag van het >beweegoffer=. Wat betekende dat beweegoffer? Wat kondigde het aan? De zielen die Jezus uit de Hades meenam waren de eerstelingen van de zielen die Hem toebehoren. Dus moest Jezus, de werkelijke Hogepriester, hen bewegen voor de heer in de werkelijke tempel, de hemel. Dit moest gedaan worden op die bijzondere dag. De ophanden zijnde hemelvaart, waar Jezus Maria over inlichtte, was heel wezenlijk. Hij voer op naar de hemel die eerste dag van de week, waarschijnlijk onmiddellijk na zijn verschijning aan de elven. Dat was zijn laatste verschijning op die dag.

 

De rechtbank in de hemel

Wij lezen in de Bijbel over een rechtbank of een gerechtshof in de hemel, over >de beschuldiger van de broeders= en over onze >Pleiter bij de Vader=, over oordelen en vonnissen. Natuurlijk zijn er zittingen van het hof in de hemel. Gezamenlijke beslissingen worden er ook genomen. ALaat Ons mensen maken naar ons beeld, als onze gelijkenis@ is misschien zo=n besluit.

De meest doorslaggevende zitting van het hof in de hemel moet geweest zijn tijdens het lijden van Christus. Dat was zeker het belangrijkste moment in de chronologie van de eeuwigheid. Om de wereld te redden werd de Zoon van God onderworpen aan de meest beschamende klucht van het recht. Is dat meest ontzagwekken­de gerechtshof in de hemel, zo duidelijk beschreven door Daniël, niet het echte?

 

ATerwijl ik bleef toekijken, werden tronen opgesteld, en een Oude van dagen zette Zich neder; zijn kleed was wit als sneeuw en zijn hoofdhaar blank als wol; zijn troon bestond uit vuurvlammen, de raderen daarvan uit laaiend vuur; en een stroom van vuur welde op en vloeide voor hem uit; duizend maal duizenden dienden hem en tienduizend maal tienduizenden stonden vóór hem. De vierschaar zette zich neder en de boeken werden geopend@. Daniël 7:9-10.

AIk bleef toekijken in de nachtgezichten en zie, met de wolken des hemels kwam iemand gelijk een mensenzoon; hij begaf zich tot de Oude van dagen, en men leidde hem voor deze; en hem werd heerschappij gegeven en eer en koninklijke macht, en alle volken, natiën en talen dienden hem. Zijn heerschappij is een eeuwige heerschappij, die niet zal vergaan, en zijn koningschap is een, dat onverderfelijk is@. Daniël 7:13-14.

 

Denk nu eens na over de tijd van deze zitting. Het was natuurlijk niet in Daniëls dagen. De Zoon van God werd de Mensenzoon toen Jezus werd geboren. De Mensenzoon arriveerde in de hemel bij zijn hemelvaart. Dat moet geweest zijn op het moment dat het hof nog in zitting was. Het kon niet een hof zijn dat gehouden zou worden aan het eind van deze dispensatie, omdat Christus nu al is gezeten aan de rechterhand van God in zijn hemelse troon, er dus al is aangekomen. Het einde van deze dispensatie zal de tijd zijn wanneer Hij klaar is om weer terug te keren met de wolken des hemels om zijn aardse troon in bezit te nemen. Nee, deze aankomst in de hemel was kennelijk in de tijd van zijn hemelvaart. Maar welke hemelvaart? Was het op de eerste of de veertigste dag? Alles wijst erop dat het de eerste dag was, de dag die ophanden was, zoals Hij aan Maria Magdalena vertelde. Het was de dag die zij moest aankondigen bij zijn broeders. We merken hierbij op dat Hij, nadat Hij op die eerste dag aan de elven was verschenen, een week lang niet meer werd gezien. In Mattheüs lezen wij:

AEn de elf discipelen vertrokken naar Galilea, naar de berg, waar Jezus hen bescheiden had@. We herinneren ons dat Jezus zijn discipelen had gezegd naar Galilea te gaan om Hem daar te ontmoeten.

AEn toen zij Hem zagen, aanbaden zij, maar sommigen twijfelden. En Jezus trad naderbij en sprak tot hen, zeggende: Mij is gegeven alle macht in de hemel en op de aarde@. Mattheüs 28:16-18.

Die woorden reflecteren beslist de bekendmaking door het hemelse hof ten behoeve van Jezus en suggereren dat Hij daar zojuist vandaan kwam om zijn discipelen te ontmoeten op de afgesproken plaats. Johannes vertelt ons dat Jezus= tweede ontmoeting met zijn discipelen acht dagen later was.

Nu kunnen wij de antwoorden vinden op enkele van onze andere vragen.

Was het niet tijdens de zitting van dit hof dat de Vader tegen Jezus zei: AGij zijt een Hogepriester voor eeuwig, naar de orde van Melchizedek@ en dit met een eed bevestigde? De woorden werden gericht tot Jezus zelf en op de juiste tijd.

Was het niet tijdens de zitting van dit hof dat de Vader het decreet uitsprak: AGij zijt mijn Zoon, deze dag  heb Ik u verwekt@? Opnieuw werden deze woorden tot Jezus persoonlijk gesproken, zoals voorzegd door de profeten. Let op de betekenisvolle woorden aan Maria Magdalena: AIk ga naar mijn Vader@.

Ook hier is de tijd zo passend.

Was het niet voor dit hof dat Jezus de Hogepriesterlijke taak uitvoerde van het beweegoffer van de eerstelingen voor de heer, toen Hij al die zielen uit de Hades bij Hem bracht? Het was op de juiste dag, namelijk de dag die volgde op de Sabbat, na het Pascha.

 

Volgens de kanttekeningen in de Scofield Bible met betrekking tot de woorden die Jezus tot Maria Magdalena sprak, is één van de gezichtspunten dat Hij op weg was, als Hogepriester, om de verzoenings­dag te vervullen met het aanbieden in de hemel van het heilige bloed na het volbrachte offer. Dat gezichtspunt zou in harmonie zijn met het type in Leviticus 16.

Natuurlijk stemt dat overeen met de hemelvaart op de eerste dag, die gevolgd moet zijn door een terugkeer, vóór de hemelvaart op de veertigste dag.

Conclusie

De Bijbel is een getuigenis van gebeurtenissen; verleden, heden en voorzegde toekomst. Ze waren allemaal belangrijk genoeg om hun plaats te vinden in het Goede Boek. Veel ervan illustreren geestelijke principes. Maar door de opkomst van de gnosis, die het christelijk geloof teisterde zo gauw de apostelen er niet meer waren, keerde de aandacht zich af van de historische gebeurtenissen naar uitsluitend beginselen. Veel van die gebeurtenissen zijn sindsdien in twijfel getrokken en zelfs afgewezen. Echter, als de gebeurtenissen geen feiten zijn, dan zijn ook de beginselen tot mislukken gedoemd.

Zie Handelingen 20:29, 2 Tessalonicenzen 2:7, I Johannes 2:18 en Judas:3-4

Betreffende Bijbelse gebeurtenissen zijn de chronologische volgorde en tijd zeer belangrijk. Eén blik op de voorschriften die de feesten van Israël reguleren, illustreren dat. Zij waren de voorboden van grote feiten en hun timing moest precies zijn.

Wij hebben een enigszins gedetailleerde studie gemaakt van Het Grote Verhaal en daarbij enkele prachtige aspecten van gelijktijdigheid ontdekt. Misschien zijn we er niet in geslaagd elk detail glad te strijken, maar we hebben genoeg gezien om vast te stellen dat, ver van in tegenspraak te zijn, de originele tekst een glansrijk, harmonieus beeld laat zien, dat grote eer geeft aan onze Redder en Heiland.

>The Ensign Message= 2008

Vert. Tj.Wijsman-Everaarts

 

 

PYRAMIDE VAN BELOFTE

door

Pastor Mark Downey, U.S.A.

 

Wanneer men Goddelijke vormgeving vergelijkt met architectuur van mensen is het verschil ontzaggelijk. Het meest onthullend is dat de mens niet God is. Eigentijdse pyramideontwerpen beloven >snel rijk= kansen, terwijl de Grote Pyramide van Gizeh daarentegen een rijkdom is van wijsheid en een belofte van God uitdrukt, die heen wijst naar de komende Messias.

 

Zoals zoveel van Gods gaven aan de mensheid, wordt iets wat goed is gestolen, verdraaid en bedorven. Het duidelijkst voor ons is de gestolen identiteit van het bijbelse Israël door antichristelijke Joden, maar er zijn ook minder bekende afwijkingen, zoals Gods glorie van de sterren in de zodiac, die langzamerhand veranderde in heidense astrologie. Het zelfde kan gezegd worden van Gods Grote Pyramide, die werd en wordt geëxploiteerd door occulte genootschappen - de Illuminati, de Vrijmet­selaars, alternatieve religies etc.

 

Pyramidologie werd een object van fascinatie voor de Israëlbeweging in de 19de en 20ste  eeuw en vanwege hun vooringenomenheid, verloren zij de dynamiek van de werkelijke betekenis van deze stenen en wer­den het onderwerp van spot. Het moet echter gezegd worden dat het naïef is om te denken dat het doel van >s werelds grootste pyramide was om te dienen als grafmonument voor een of andere farao. In feite kan geen enkele Egyptenaar er een claim op leggen.

 

Onnodig te zeggen dat de mechanica van dit oude wereldwonder nog verklaard moet worden en ook niet gekopieerd kan worden door beroemde ingenieurs van onze tijd. Er werd verondersteld dat in de grootste pyramide ooit gebouwd de grootste schat van alle tijden was verborgen. Doordringen in de binnenste gangen en kamers door schatgravers onthulde echter geen goud of kostbare stenen. De bouw van de Grote Pyramide van Gizeh ging vooraf aan het geschreven Woord van God dat wij Bijbel noemen en kan alleen geïnterpreteerd worden als een Goddelijke communicatie met de mens. De schat is niet materialistisch, maar veeleer geestelijk.

 

Moeten wij christenen geloven dat het fysieke uiterlijk van het oudste en grootste gebouw ter wereld, met het systematisch interieur, meet- en wiskundige ingewikkeldheden, inbegrepen wetenschappelijke berekeningen van aarde en astronomie, de schepping is van de mens alleen?

De Israëlbeweging maakte de vergissing de geheimen van de Grote Pyramide op een voorspellende  manier te duiden. Het belangrijkste voor ons is nu om te onthouden dat Jezus Christus terugkomt voor zijn bruid Israël en we zullen zien hoe de Grote Pyramide past in die belofte. Er zullen zeker nog wel een paar berekeningen zijn voor voorspellers, maar er zullen geen uitkomsten worden gevonden.

 

De Grote Pyramide schreeuwt om de erkenning dat zijn ontwerp alleen Goddelijk geïnspireerd kan zijn door de Schepper van het Heelal. Het Goddelijk ontwerp is net zo volwaardig als de Heilige Schrift, het belangrijkste Boek ooit geschreven, met bovennatuurlijke eigenschappen om het geloof van de mensheid door profetie te leiden. Naar de Grote Pyramide wordt verwezen als >profetie in steen=, waarbij de actuele afmetingen van het interieur corresponderen met bijbelse chronologie, zoals plaats en tijd van de geboorte van de Messias.

Het is niet mijn bedoeling om te graven in complexe, onbetwistbare berekeningen om Gods oproep aan de wereld te bewijzen. Door onze hele geschiedenis heen is kennis doorgegeven aan elk tijdperk dat niet paste in de tijdsduur. Dat bespoedigde ons civilisatieproces. Zonder aanvaarding van God als de bron van veranderingen van inzicht zullen de geheimen van de vooruitgang blijven hangen in speculaties of dwaze misstappen.

 Pyramide

Raymond Capt in zijn boek >The Great Pyramid Decoded= heeft een uitstekende introductie geschreven over dit onderwerp met betrekking tot de Christian Identity-studies. Iedereen zou dit boek moeten lezen om de boodschap te kunnen waarderen. Er is de laatste tijd niet veel over gepubliceerd, ik denk, vanwege pijnlijke toevoegingen en verkeerde informatie, geplant door vijanden van de Christian Identity. Maar, zoals het onkruid gezaaid tussen de tarwe, de tijd van de oogst komt snel naderbij, wanneer het slechte van het goede wordt gescheiden en datgene wordt verbrand wat God ergert. Ongetwijfeld zullen de vervalsingen met betrekking tot het Goddelijk Ontwerp instorten als een kaartenhuis.

 

De Bijbel en de Grote Pyramide stemmen precies met elkaar overeen als twee getuigen die de aandacht richten op het leven, de dood en de opstanding van Jezus Christus. Er zijn mensen die het verband niet willen zien tussen de Grote Pyramide en de Bijbel, laat staan wat God belooft aan zijn volk. Laten wij ons daarom verdiepen in een, door de doorsnee theoloog, zelden gezien perspectief. Als we de Grote Pyramide vergelijken met alle andere gebouwen die ooit zijn gemaakt, dan bestaat er geen tweede.

 

Ik denk dat ik gerust kan zeggen dat de Grote Pyramide op deze manier is ontworpen om het bestaan van God en zijn openbaring aan de mens te bevestigen. God doorziet heel goed de trots van een door en door materialistische wereld en voorzag dat de mensheid zou gaan opscheppen over zijn intellect en daarbij gaandeweg vernietigen wat Hij had geschapen. Maar hoe mensen ook proberen het levende Woord van God schipbreuk te laten lijden, het is niet dood. Evenzo staat de Grote Pyramide daar nog als een eeuwenoude getuige. Hij heeft de eeuwen overleefd om een reden.

 

Daniël spreekt over een tijd dat velen onderzoek zullen doen, waardoor de kennis zal vermeerderen. Het is alleen in onze generatie dat de kennis over de Grote Pyramide is geopenbaard. Daniël 12.

Op dit punt kunnen we de valse beschuldiging tegemoet zien de leer van de gnosis  te beoefenen, terwijl we in feite opgeroepen worden te groeien in genade en kennis van onze Heer en Heiland. 2 Petrus 3:18.

God zorgt dikwijls voor toeval voor degenen die anders geloof zouden hechten aan populaire denkrichtingen. Goddelijke belofte is werkelijkheid voor mensen die ogen hebben om het te zien. De geest van de profetie is de getuigenis van Jezus en de getuigenis van Jezus is over belofte.

 

De (natuur)wetenschap, wiskunde en astronomie van de Grote Pyramide was duizenden jaren latent, tot heden. Het is niet nodig mystieke alchemisten, numerologen en astrologen te prijzen voor iets wat ze hebben gemeend te ontdekken. Alleen nu ontsluiten archeologen, geschiedkundigen en Bijbel­wetenschappers de deur van profetische tijden en gebeurtenissen met betrekking tot de 13 acres van 2300 kalksteen­blokken, die elk 22 tot 50 ton wegen. Het is het Goddelijk ontwerp dat de enige autoriteit verschaft onfeilbare beloften te doen.

 

Het zal u verrassen dat niet de moderne wetenschap π ontdekte. De totale meetkundige structuur van de Grote Pyramide was trouwens ontworpen op basis van π (3.14159; de verhouding van de omtrek van een cirkel ten opzichte van zijn diameter, de wiskundige verhouding waarmee het gehele natuurkundig universum is ontworpen) en de waarde van y (365.242; het aantal dagen in het zonnejaar van de aarde). Die twee dingen alleen al zouden uw aandacht moeten vestigen op de Almachtige Schepper van het Heelal.

 

De >Christian Identity= stapt niet in de val van de >British Israel=-wijze van denken >Wij hebben toegang tot een wetenschap van profetie om te anticiperen op de toekomst=, wanneer we al voldoende openbaring hebben in de tekenen der tijden. Mattheüs 24:37, Lucas 17:28.

In Gizeh hebben we het grootste teken van alle tijden en mensen verspillen hun energie met tekenen te zoeken in een lijkwade, ikonen die huilen of bloeden, hocus pocus codes en plaatjes van Maria op een  koekje. Christenen moeten de satanische tekenen en leugenachtige wonderen, die zich meester hebben gemaakt van Gods Pyramide, doorzien. 

 

God heeft zijn volk een overvloed aan beloften gegeven, waarvan er al vele zijn vervuld, terwijl andere nog op vervulling wachten. Wij moeten de Grote Pyramide niet in een kwaad daglicht stellen door twistpunten en geschillen of hem benevelen met mystieke computerspelletjes. Met uitzondering van een pyramide casino in Las Vegas, zijn pyramides nooit bedoeld voor bewoning of handel. Om kort iets te zeggen over >s werelds grootste en voornaamste pyramide in Gizeh, hij heeft vier gelijkbenigedriehoeks- zijden, die omhoogrijzen naar een crescendo aan de top. De sluitsteen van deze architecto­nische prestatie is echter niet aanwezig en zoals we zullen zien is er een zeer goede reden voor dit ontbrekende onderdeel. In dit opzicht moet ik zeggen, dat het volk wat God heeft uitgekozen om zijn dienstvolk te zijn, de hoogste prioriteit in hun leven missen, Jezus Christus, naar wie dikwijls wordt verwezen als Hoofd van het lichaam of de gemeente - het lichaam van Christus - of de kerk (het Griekse woord >ecclesia=- geroepenen). De grote opdracht was om het Goede Nieuws van het Evangelie van Jezus Christus naar de vier hoeken van de Aarde te brengen, waar ook maar Israëlieten woonden. Toen zijn discipelen verkondigden dat Jezus de Verlosser was van de mens (niet de mensheid), is het mogelijk geworden die kristalheldere boodschap van zowel het Oude als het Nieuwe Testament, zonder verontreiniging en verbastering, te lezen en te begrijpen.

AJezus zeide tot hen: Hebt gij nooit gelezen in de Schriften: De steen, die de bouwlieden afgekeurd hadden, deze is tot een hoeksteen geworden; van de HERE is dit geschied, en het is wonderlijk in onze ogen@. Psalm 118:22-23; Mattheüs 21:42.

Om nog verder zijn Goddelijke positie te bewijzen, lezen we: A.....gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten, terwijl Christus Jezus zelf de hoeksteen is. In Hem wast elk bouwwerk, goed ineensluitend, op tot een tempel, heilig in de HERE.Efeziërs 2:20-21.

Men kan niet veel hoger in rang stijgen dan met deze Goddelijke benoeming.

 

Het Woord tot vlees geworden; de Goddelijkheid van Christus is synoniem met de Grote Pyramide die zijn Koninkrijk op Aarde vertegenwoordigt. Wij kunnen nu troost putten uit de wetenschap dat de oude instituties en tempelverordeningen zijn afgeschaft. Wat? zullen enkelen van u zeggen: >Weet u niet dat Gods uitverkoren volk, de Joden, nog altijd de tempeldienst in ere houden?= God weet wie deze mensen zijn, de moderne Farizeeën, die het werkelijke Israël imiteren en zichzelf >Israeli=s= noemen. Joden hebben niet anders dan minachting voor het lichaam van Christus, het ware Israël.

AOf weet gij niet, dat uw lichaam een tempel is van de Heilige Geest, die in u woont, die gij van God ontvangen hebt, en dat gij niet van uzelf zijt?@...in wien ook gij mede gebouwd wordt tot een woonstede Gods in de Geest@. I Corinthiërs 6:19; Efeziërs 2:22.

Het lichaam van Christus is net zo >passend samengevoegd= als de onbeweeglijke blokken zandsteen  die de Pyramide tot het enig overgebleven wereldwonder maakt. De symbolische overeenkomst is onpeilbaar diep. God woont in zijn volk Israël:

AWeet gij niet, dat gij Gods tempel zijt en dat de Geest Gods in u woont?@  Welke gemeenschappelijke grondslag heeft de tempel Gods met afgoden? Wij toch zijn de tempel van de levende God.....Ik zal in hen wonen.....en Ik zal hun God zijn en zij zullen mijn volk zijn@. I Corinthiërs 3:16; II Corinthiërs 6:16.

Dit klinkt alsof God een plan met ons heeft!

Meer dan de helft van de wereldbevolking leeft onder satanische beïnvloeding en controle van antichriste­lijke Joden en Roomskatholieken, die Jezus Christus van het universum willen uitsluiten. De Romeinen gaven een teken dat leven of dood inhield; de duim omhoog of de duim naar beneden. Er zijn talloze speculaties over wat de zespuntige ster van het Jodendom betekent. Interessant is dat het twee driehoeken zijn, waarvan de ene punt naar boven en de andere naar beneden wijst.

Tot zover hebben wij in deze studie gezien, dat Jezus Christus de afsluitende steen of een verticale driehoek is van een pyramide waarvan de naar boven wijzende top aan de wereld hoop en leven geeft. Het tegenovergestelde van die symboliek zou een naar beneden gerichte driehoek zijn die wanhoop en dood voorstelt, zoals uitgedrukt in de bekende roze driehoek. De aard van een controlfreak is om macht te hebben over leven en dood, vandaar de twee driehoeken gevormd in zes punten.

 

In occult jargon wordt de praktijk twee tegenpolen te willen beheersen dialectisch materialisme genoemd. Er is niet veel onderzoek voor nodig om er achter te komen dat deze techniek werd ontwikkeld door de Jood Karl Marx. De primaire stelling voor het bestaan van God en de raciale basis van onze Bloedverwant en Verlosser Jezus Christus, is daardoor ondermijnd en omvergeworpen met een tegenstelling van valse goden en een vloed van religieuze oxymorons. Om een synthese te bereiken of een kunstmatig bijproduct, werden de beloften van God vervalst of verduis­teremaand. De Grote Pyramide is gedegradeerd tot een seculiere National Geographic TV-documentaire, gericht op een derdeklasser mentaliteit. Men wil er niet van horen dat de Grote Pyramide is gebouwd om de glorie van God uit te drukken voor zijn dienstvolk en het uit te nodigen als Christus te worden in geest, karakter en werken.

 

Alle andere pyramides zijn ondergeschikt in ontwerp en doel. Op dezelfde wijze verhief God ons volk boven alle andere volken, ofschoon wetgeleerden en Farizeeën spreken over gelijkheid in dagelijkse mantra=s. Pyramides zijn niet gelijk, de verschillende rassen evenmin.

AWant gij zijt een heilig volk, dat de HERE, uw God, heilig is; ú heeft de HERE, uw God, uit alle volken op de aardbodem uitverkoren om zijn eigen volk te zijn@.Deuteronomium 7:6.

De ontbrekende topsteen van de Grote Pyramide zegt dat het ons ontbreekt aan leiderschap en dat wij lijden aan een identiteitscrisis. Er zijn meer dan honderd pyramides in Egypte en waarschijnlijk meer dan duizend wereldwijd als driehoekige bergen van aarde worden meegerekend (in de provincie Utrecht staat  de Pyramide van Austerlitz-vert).

 

Het ziet er naar uit dat Mel Gibson een >duim omhoog= heeft van de zespuntige sterren van Hollywood om de architectuur en cultuur van de oude Maya=s te verheerlijken in zijn laatste film >Apocalypto=. Waarom maakte Gibson niet een grote hoofdfilm over de betekenis van de Pyramide van Gizeh, in plaats van het bloederige geweld op de Mexicaanse pyramides? Kan het zijn dat alle andere pyramides rond de wereld symbolisch zijn voor valse goden?

AWie heeft dit vanouds doen horen, het van overlang verkondigd? Ben Ik het niet, de HERE? Er is geen God behalve Ik, een rechtvaardige, verlossende God is er buiten Mij niet@.Jesaja 45:21

 

In zijn brochure >The Essential Message of the Pyramid= schrijft Pastor Robert Thornton: >Naar beneden kijkend naar de basis van de Pyramide, zien we het onmiskenbare bewijs dat de bouwers zich hebben vergist (of misschien had het een goddelijke bedoeling-MD), toen zij de lijnen van de basisfunderingen aan de binnenkant legden van de door God voorgeschreven lijnen voor de fundering. De symboliek is duidelijk; wij hebben niet gebouwd op de funderingen die God had bepaald en daarom is onze hele sociale structuur - de moderne westerse maatschappij - te klein om de Topsteen te ontvangen.....

Wij hebben een sociale structuur, een maatschappij, gebouwd op door de mens gemaakte funderingen, veeleer dan het door God voorgeschreven patroon te volgen. En het resultaat is precies wat we nu hebben; een maatschappij waar geen plaats is voor de Heer, Jezus Christus, onze Topsteen. Het is even duidelijk dat zonder Hem wij geen leiderschap hebben die de naam waardig is.

 

Tienduizenden preken worden elke week gehouden in de meeste christelijke kerken, radio- en TV-programma=s, terwijl onze christelijke naties steeds verder wegzakken in afvalligheid. God schept tienduizenden gelegenheden elke week weer voor een directe relatie met Hem. De christenen van de eerste eeuw waren niet afhankelijk van tweeduizend jaar preken of door de mens gemaakte boodschappen, maar vertrouwden op bovennatuurlijke gewaarwordingen van Gods bezigheden. Wij hebben, tot op zekere hoogte, enkele van de wonder­baarlijke en buitengewone bedoelingen van het Goddelijk ontwerp verloren, door de reputatie van God ondergeschikt te maken aan de glorie van de mens. Daarom zult u in de meeste kerken niets horen over de wonderen van Gods Pyramide, anders dan openlijk degene kritiseren die het wel ter sprake brengt.

 

Beloften waar de schapen naar kunnen uitkijken, komen van onbetrouwbare politici, die ze weer net zo gemakkelijk breken als ze eenmaal zijn benoemd. De beloften zijn in eerste instantie ook niet erg goddelijk. Ze lijken meer op de toren van Babel, een zekere belofte van chaos en verwarring, eerder dan de Pyramidebelofte van orde en zegening. Paulus begreep heel goed wat betrekking had op ons volk toen hij zei: AWant zelf zou ik wel wensen van Christus verbannen te zijn ten behoeve van mijn broeders, mijn verwanten naar het vlees; immers, zij zijn Israëlieten, hunner is de aanneming tot zonen en de heerlijkheid en de verbonden en de wetgeving en de eredienst en de beloften; hunner zijn de vaderen, en uit hen is, wat het vlees betreft, de Christus, te prijzen tot in eeuwigheid@.Romeinen 9:3-4.

 

Alle auteurs van de Bijbel schreven over onze erfenis van de beloften. Gods beloften staan vast; zij staan net zo vast als de Grote Pyramide. Gods beloften hebben geen betrekking op andere volken, omdat God niet verandert en Hij geen leugenaar is.Maleachi 3:6; Hebreeën 6:18.

Het is de mens die het Woord der waarheid verandert in een leugen en de Topsteen veroordeelt met de duim naar beneden. Want als de erfgenamen van de belofte vrij waren van degenen die niet in de waarheid blijven, dan zouden zij hun erfenis opeisen en alle families van de Aarde zouden gezegend worden.....zoals beloofd! Zes van de zeven Wereldwonderen zijn vergaan. Zes is het getal van de mens (Openbaring 13:18). Zeven is het getal van God: AAls de HERE het huis niet bouwt, tevergeefs zwoegen de bouwlieden daaraan@. Psalm 127:1.

 

Wist u dat Jozua >een grote steen nam= en zei: ADeze steen zal tegen ons tot getuige zijn, want hij heeft al de woorden des HEREN gehoord, die Hij tot ons gesproken heeft@.Jozua 24:27.

De stammen van Ruben en Gad waren zo bezorgd het zicht op God te verliezen, dat zij een altaar bouwden, maar niet voor brand- of slachtoffers, maar als een ge­tuigenis voor toekomstige generaties, dat zij God zouden dienen. Jozua 22:26-27.

De hoofdzaak hier is dat de stenen zelf niets zeggen, maar dat zij dienen als waarschuwing. Hoeveel groter is dan niet de Grote Pyramide als een getuigenis van Gods schepping!

De doorsnee christen zal zich afvragen waar precies de Grote Pyramide in de Bijbel voorkomt. Net als zoveel andere schatten van Bijbelse wijsheid wordt er over de Pyramide in een soort geheimtaal geschreven, zodat alleen door geduld, studie en meditatie het zijn betekenis onthult op de daarvoor bestemde tijd. Jesaja 19:19-20 is de tekst die zich over dit onderwerp uitlaat. Voordat twijfelaars iets anders willen zien dan de Pyramide in deze profetie, zouden we moeten lezen hoe Jesaja de grenslijn aangeeft:ATe dien dage zal er een altaar zijn in het midden van het land Egypte en aan zijn grens een opgerichte steen voor de HERE. En dit zal tot een teken en een getuigenis wezen voor de HERE der heerscharen in het land Egypte@.

 

Laten we deze boodschap deel voor deel ontleden. ATe dien dage@ betekent wanneer de profetie zal uitkomen. Jesaja=s geschrift onderscheidt zich in drie tijdkaders; zijn eigen tijd, de eerste komst van Christus en de tweede komst van Christus. We zullen aannemen dat het de laatste is, gegeven de context en de verwarring in hoofdstuk 19.

Het zegt vervolgens dat er een altaar zal zijn voor de HEER. Er zijn twee soorten altaren in de Schrift. Een voor offerande en de andere als een getuigenis. Vers 20 identificeert het duidelijk als een >teken= en een >getuigenis=. Gods wet zegt dat een altaar voor offerande altijd uit ongehouwen stenen moet bestaan: AWanneer gij dat met uw houweel bewerkt, ontwijdt gij het@ (Exodus 20:25). Voor een getuigenis­altaar was er geen verbod; er is dus niets wat het bouwen met gehouwen stenen in de weg staat. AMidden in het land Egypte@ is duidelijk, we behoeven niet ergens anders te zoeken, maar er volgt een specifieke geografische plaats Aaan zijn grens@. Deze schijnbaar tegenstrijdige coördinaten >in het midden en aan de grens van het land= zijn opgelost door de unieke vorm van Egypte. Onze Pyramide lag, toen en nu, dicht bij het centrum van Egyptes politieke en sociale leven, zowel in het oude Memphis als in het moderne Caïro. Tot voor kort werd de grens van Egypte bepaald door gecultiveerd land en de woestijn. De vruchtbare, waaiervormige Nijldelta vormt een kwadrant waarin het centrale punt wordt gemarkeerd door de Grote pyramide van Gizeh. Gizeh is Arabisch voor >rand, kant of grens=. Oostelijk van Gizeh ligt een goed gecultiveerde en dichtbevolkte streek, maar meer naar het westen is er niets anders dan het zand van de Saharawoestijn. Er kan slechts één plek op aarde zijn die overeenkomt met Jesaja=s beschrijving.

Maar waar is de Pyramide in dit verhaal? Het woord >steen= in de tekst is enigszins misleidend. Een nauwkeuriger vertaling van het Hebreeuwse woord >matstsebah= is herdenkingssteen of monument. We hebben dan een gehouwen monument op de grens in Egypte, zoals Jesaja het verwoordt. Dit altaar van Goddelijk design is een zichtbaar teken. Dit getuigenis in steen spreekt tot onze generatie op de daarvoor bestemde tijd. Laat de twijfelaar maar met tegenbewijs komen. Laat er een helder glorielicht schijnen!

 

Er was een tijd dat de oppervlakte van de Pyramide van glas leek, dat het effect had van gigantische spiegels die de lichtstralen reflecteerden. De oude Egyptenaren noemden het Ta Khut >Het Licht= en ook Ikhet, wat >Stralende= betekent. We kunnen dit vergelijken met de Schrift. In II Corinthiërs 4:3-7 staat geschreven: AIndien dan nog ons evangelie is bedekt, is het bedekt bij hen, die verloren gaan@. ---Evangelie wil zeggen >goed nieuws= en het goede nieuws van >Het Stralende Licht= van de Pyramide, is bedekt voor mensen die Christus niet gevonden hebben.  ---ongelovigen, wier overleggingen de god dezer eeuw met blindheid heeft geslagen, zodat zij het schijnsel niet ontwaren van het evangelie der heerlijkheid van Christus, die het beeld Gods is@.....

Er zijn mensen die verloren gaan uit vrije wil. Mattheüs 13:22 vertelt ons dat het de zinnelijke natuur van de mens is die het Woord verstikt en hij dus onvruchtbaar wordt; in feite een over zichzelf uitgeroepen duisternis. Iedereen kan de Grote Pyramide zien, maar er zijn mensen die gewoon blind zijn voor zijn grootsheid. ....@Want de God, die gesproken heeft: Licht schijne uit het duister, heeft het doen schijnen in onze harten, om ons te verlichten met de kennis der heerlijkheid Gods in het aangezicht van Christus@.

Evenzo weerkaatst de Pyramide het licht van de zon op het donkere continent van Afrika. Naar Jezus wordt verwezen als de >Zon der Gerechtigheid=. Maleachi 4:2.

 

Wat weten wij over de glorie van God in de persoon van Jezus Christus, zoals gevonden in de Pyramide? We horen mensen, die zichzelf christen noemen, spreken over de christelijke erfenis, wat gewoonlijk meer schuim is dan substantie. Weet u wat schuim is? Het is de kraag op een glas bier. Als de doorsnee kerkganger iets zou weten over substantie, dan zou zijn >topsteen= of  >hoeksteen= niet luchtig zijn, maar de Rots die de Christus is. I Corinthiërs 10:4.

Als verloren Israël, de christenen van vandaag, zich nu eens niet langer heen en weer laten slingeren en zich laten meeslepen door elke veranderende leerstelling - zoals het schuim van een glas bier wordt geblazen - dan krijgt men misschien beter zicht op de essentie van het Goddelijk ontwerp van het grote monument en kennis van de glorie van God en ontdekken dat zij zijn gebouwd op de fundering, vast samengevoegd, waar Jezus Christus, als de Hoeksteen zijn woonplaats heeft. Dat is onze erfenis!

 

Dit zijn de beloften van God aan ons. De Grote Pyramide was nooit bedoeld om gebruikt te worden als  een kristallen bol of voor schandelijke en misdadige doeleinden. Het gebouw heeft een slechte reputatie gekregen door charlatans, geheime genootschappen en New Agers, net zo goed als rassenbewustzijn zo politiek incorrect is geworden. Satanische culturen zijn tegen het blanke ras en het christendom en hebben het godslasterlijke plan beide uit te roeien. Maar het Goddelijk ontwerp van de Pyramide heeft de toets van de tijd doorstaan, zodat wij zijn symbolische taal mogen ontdekken, de parallelgetuige van het geschreven, levende Woord van God.

Laten we onze ogen openen voor de allegorie van levende stenen. In het interieur van de Grote Pyramide is een stijgende en dalende gang. De stijgende gang leidt, via de grote galerij, naar de koningskamer. Men kan alleen in de kamer komen na het stappen over de hoge drempel aan het boveneinde van de galerij. Dit is symbolisch voor een ander gezichtspunt of bewustzijnsniveau. Het is het perspectief van alle autoriteit  die rechtmatig behoort aan Jezus Christus alleen, in de hemel en op aarde. Mattheüs 28:18.

In deze kamer bevindt zich een open kist (tombe zonder deksel) waarin nooit een farao opgebaard is geweest; symbolisch voor het lege graf op Calvarië en de opstanding; ten eerste van onze Broeder en Verlosser Jezus Christus en ten tweede van zijn verloste volk Israël, de huidige Angelsaksen en verwante volken, zijn getuigen (Jesaja 43:10), zijn dienstvolk (Jesaja 41:8), zijn erfdeel (I Koningen 8:53; II Samuël 7:23), zijn regeringslichaam dat zijn Wet/Woord uitvoert op de aarde (Openbaring 20:6).

De lege tombe wijst op eeuwig leven, verkregen door opstanding, op dezelfde wijze als Christus is verrezen uit de dood. Alle andere pyramiden in Egypte hebben uitsluitend gangen naar beneden, die de weg naar de dood uitbeelden. De weg naar het leven, zoals gesymboliseerd in de Grote Pyramide zijn bovengrondse, stijgende gangen met een ventilatiesysteem voor levengevend zuurstof. We moeten twee dingen in aanmerking nemen, 1e - de doden ademen niet; 2e - de levensadem, de Geest van God, werd in de neus van Adam geblazen en zo werd hij tot een levend wezen. Genesis 2:7

Wie anders dan God zou ons zulke waarheden laten zien over leven en dood?

De ingewikkelde constructie van het interieur toont ook het verband tussen de lengte van de gangen en de respectievelijke tijdvakken in de geschiedenis. Dit betekent dat de blauwdruk van de Pyramide was ontworpen volgens een gegeven schaal van nauwkeurige wiskundige metingen, corresponderend met profetische gebeurtenissen die zijn gekomen en gegaan. Er kan slechts één architect zijn die zoveel openbaringen aan de mens heeft gegeven en die ene is God. Dat u Hem mag vinden.

>Denk aan de rots waaruit u bent gehouwen, Kijk naar wat God heeft gedaan,

Kijk naar de profetie in steen, Het Koninkrijk van God voor ons,

Kijk niet naar wat de mens betwist, Kijk uit naar het teken van wat spoedig komen zal,

Kijk naar het getuigenis dat komt en gaat, Zie Gods wonder - dat wij zullen weten=

Toen onze voorvaderen werden uitgezonden om strijd te leveren met de heidenen, verloren zij nooit de soevereiniteit van Jezus Christus uit het oog. De heidenen twijfelden er niet aan dat zij te maken hadden met dappere mannen, die openlijk Jezus Christus vereerden. Hoe kan een vijand vechten tegen een volk, wier God hen de overwinning belooft. Dat deed die vijand echter wel door het volk op een schandelijke wijze de belofte te laten vergeten of te ontkennen dat zij de erfgenamen zijn van enige belofte. Hij wiste de herinnering uit aan een getuigenis in steen. De Topsteen is langzaamaan verworden tot het Alziend Oog van Big Brother die ons in de gaten houdt.

Hoe geweldig zou het zijn als hedendaagse patriotten het kruis van Jezus Christus zouden opnemen  en ermee in het gezicht van antichristelijke uitzuigers zwaaien. Hoe anders zou de wereld er uitzien als onverschrokken christenen een standaard zouden oprichten voor de Koning der koningen tegen een vreemde macht. Tegenwoordig is het zo, dat soldaten zonder de banier van Jezus Christus de bastaardhordes tegemoet treden zonder wapen of wapenrusting - ze zijn geestelijk beroofd van leiderschap. Ze zijn als de Grote Pyramide die zijn gepolijste zandstenen oppervlak, ofschoon het zijn identiteit heeft behouden, heeft verloren. Vervallen door de tijd en geschonden door dieven. Maar, door de Pyramides= grootmoedig­heid, als de zon ondergaat, neemt het nog steeds het uiterlijk aan van een gouden berg.

Waarom zou een christen of zelfs een ongelovige de Grote Pyramide verstaan? Omdat hij ons wil laten zien hoe God oppermachtig de Aarde bestuurt en onze bestemming in zijn handen houdt. Neem de tijd om de aanwezigheid van God gewaar te worden, want alleen dan zult u getuige zijn van een demonstratie van zijn macht. We behoeven niet fysiek in Egypte te zijn om getroffen te worden door Gods Geest. Dat zal resulteren in opnieuw zoeken in zijn Woord naar antwoorden. Hoe meer antwoorden we ontvangen, hoe meer ons geloof wordt gesterkt - het enige dat ons redt en God tegelijkertijd plezier doet.Hebreeën 11:6.

Onze grote beloning is de Pyramide van de Belofte. Het wonder ervan is zichtbaar voor ons.

A.....hij zal de topsteen naar voren brengen onder het gejubel: heil, heil zij Hem!    Zacharia 4:7

=Vert.Tj.Wijsman-Everaarts

 

 

Het geloof van Abraham tot voorbeeld van zijn zaad

 

Paulus schreef aan de Romeinen (4:13):

Want niet door de wet had Abraham of zijn nageslacht de belofte, dat hij een erfgenaam der wereld zou zijn, maar door gerechtigheid des geloofs”.

Hieruit springen meteen 5 woorden tevoorschijn die een nader onderzoek waard zijn, nl.

Wet – nageslacht – belofte – erfgenaam - gerechtigheid

Drie ervan geven de vleselijke mens een nare smaak. De andere twee worden graag door religieuzen opgeëist. Laat de Heilige Schrift het ons leren.

Wie was toch die bekende Abraham?

Eenvoudig gezegd: de 21ste  persoon uit het nageslacht van Adam, de zoon van God (Gen. 5, 10:1; Gen. 11 en Luk. 3:34-38). Uit deze zaadlijn kwamen ook de ouders van de Here Jezus. Onder Abrahams voorvaders was Noach en diens zoon Sem. Semieten hebben hem dus als stamvader. Een achterkleinzoon van Sem was Heber, wiens nazaten Hebreeën heten. Abraham was de 6de in de lijn uit Heber. Mozes werd als een Hebreeuwse baby herkend bij de opening van het biezen kistje. Abrahams leven wordt beschreven in “het boek des Oprechten” (Joz. 10:13; 2 Sam. 1:18).

Hieruit zal ik citeren om u een beter begrip te geven van deze uitverkorene van God, wiens vader Terah was.

Abrams vader Terah was een machtig man aan het hof van Nimrod in Babel. Zijn moeder heette Amthelo. De geboorte van Abram was aanleiding voor een feest. De geleerden (tovenaars) zagen die nacht, bij het naar huis gaan, een zeer grote ster, die vanuit het Oosten door de hemelen ging en de vier sterren vanuit de vier zijden van de hemelen verslond. Zij begrepen dat dit kind van Terah, wiens naam Abram wil zeggen “machtige vader”, tot een veelheid zou uitgroeien en al de koningen der aarde zou doden en hun landen zou erven, hij en zijn zaad, voor immer. Nimrod kreeg dit te horen en sommeerde Terah de baby te brengen om gedood te worden. Een dienstmaagd had in diezelfde nacht een zoon gebaard en dat kind werd in plaats van Abram bij Nimrod gebracht en gedood. Terah verborg zijn vrouw en zoon met een verzorgster in een grot en bracht elke maand proviand. Tien jaar verbleven zij in die grot en aan het hof dacht iedereen, dat Abram dood was. Na die tien jaar kwam Abram bij Noach en Sem wonen om de instructies van Jahweh en Zijn wegen te leren. Abram kende de Heer vanaf zijn derde jaar. 39 jaar verbleef Abram in het huis van Noach. Daar leerde hij, dat al de zonen der aarde vreselijke rebelleerden tegen God en andere goden van hout en steen dienden.

Terah had 12 afgoden, voor elke maand één, waaraan hij eten en drank offerde. Zo deden alle mensen, behalve Noach en diens huisgezin en allen die onder zijn gehoor waren. Jahweh gaf Abram een wijs hart en hij kende de ijdele werken van die generatie. Hout en steen kunnen niet horen of zien. Abram bad tot zon, maan en sterren om te vernemen of zij scheppers waren. Hij kreeg geen antwoord en begreep, dat deze geschapen waren door God en Hem slechts dienden. In het 50ste jaar van Abrams leven verliet Abram het huis van Noach. Hij kende de Heer en wandelde in Zijn wegen en instructies en de Here zijn God was met hem.

Hij kwam in zijn vaders huis en zag de 12 afgoden in hun tempels.Boosheid kwam op in Abram en hij nam zich voor deze afgoden in drie dagen te vernietigen. Hij wilde zijn vader een grote les leren. Met zijn moeder besprak hij een plan om opruiming te houden. Hij liet haar 3 maal een heerlijke maaltijd bereiden en zette dat voor de afgoden en wachtte af of zij er ervan zouden eten. Niet dus!! Daarom hakte hij 11 afgoden aan puin en de 12de,de grootste kreeg de bijl onder de arm. Abram verliet de tempels. Terah had het lawaai van het stukslaan gehoord en kwam kijken. De goden lagen in gruzelementen. Hij werd woedend, maar Abram, vol van Gods Geest, sprak over de heerlijke maaltijden die hij geofferd had, maar die de afgoden niet hadden gegeten. Hij sprak: “Hoe kunt u levenloze voorwerpen eren, kunnen zij u verlossen, uw gebeden horen of u van uw vijanden verlossen? Kunnen zij oorlog voeren? Bent u zó klein van begrip om zo dwaas te handelen dat u hout en steen dient en de Here vergeet, die de hemelen en aarde gemaakt heeft en u op de aarde heeft gebracht? Hoe kunt u zulk een groot kwaad op uw ziel brengen door deze dingen te aanbidden?

Terah bracht zijn zoon voor Nimrod en Abram had de moed de koning te zeggen: “O, dwaze, simpele en onwetende koning, Wee u voor immer! Ik dacht dat u uw dienaren de rechte weg zou leren, maar u vulde de gehele aarde met uw zonden en de zonden van uw volk, dat uw wegen bewandelt. Hebt u niet gehoord, dat het kwaad dat u doet ook bedreven werd door onze voorgeslachten, zodat God de vloed bracht die hen vernietigde? Wilt u door uw werk de Here God van het universum weer kwaad maken om over u en de gehele aarde catastrophen te brengen? Doe al het kwaad weg en dien de God van het universum alleen, want uw ziel is in Zijn handen en dan zal het wèl gaan met u”.

Abram moest l0 dagen in de gevangenis doorbrengen. Daarna werd hij in een brandende oven gegooid en 900.000 mensen vergaapten zich aan dit spektakel. Haran, de broer van Abram, werd ook in de oven gegooid, omdat Terah de koning had voorgelogen, dat Haran hem had gezegd om Abram bij de koning te brengen voor het vernietigen van zijn afgoden. Haran verbrandde tot as, omdat zijn hart niet oprecht was voor de Heer. De touwen, waarmee Abram gebonden was, verbrandden ook, doch hijzelf werd gespaard. Omdat de Here Abram liefhad, kwam Hij naar beneden om hem te verlossen. Allen zagen dit wonder, dat Abram wandelde in het vuur en Haran verbrandde. Abram loofde de Heer. Hij kreeg vele geschenken en ook twee belangrijke dienaren van de koning nl. Oni en Eliëzer. Over Lot, de zoon van Haran, ontfermde Abram zich. Abram diende de Here zijn God alle dagen van zijn leven en volgde Hem in al Zijn wetten en wegen. Hij drong er bij de zonen der mensen op aan om God te dienen”.

Tot zover een citaat uit het boek des Oprechten. De mens die de wet doet zal daardoor leven.

We hebben nu wat meer achtergrond-informatie over Abram uit Ur der Chaldeeën, die door God werd geroepen om uit zijn gebied te vertrekken naar een land door God aangewezen. Uit Genesis leren wij over de beloften, die aan Abram zonder een enkele voorwaarde waren gegeven!

In Gen. 12:2,3,7 belooft God: “Ik zal u tot een groot volk maken en u zegenen en uw naam groot maken en gij zult tot een zegen zijn. Ik zal zegenen wie u zegenen en wie u vervloekt zal Ik vervloeken en met u zullen alle families op aarde gezegend worden. Aan uw nageslacht zal Ik dit land geven”.

Gen. 13:14-16: “De Here zeide tot Abram, nadat Lot zich van hem gescheiden had: sla toch uw ogen op en zie van de plaats waar gij zijt, naar het noorden, zuiden, oosten en westen, want het gehele land, dat gij ziet, zal Ik u en uw nageslacht voor altijd geven. En Ik zal uw nageslacht maken als het stof der aarde, zodat, indien iemand het stof der aarde zou kunnen tellen, ook uw nageslacht te tellen zou zijn”

Gen. 15:18: “Te dien dage sloot de Here een verbond met Abram, zeggende: aan uw nageslacht zal Ik dit land geven, van de beek van Egypte tot de grote rivier de Eufraat”

 

 

     
     
  Site Map